3) De prioriteiten van je blessurepreventiebeleid

3) De prioriteiten van je blessurepreventiebeleid

In fase 3 brengen we in kaart wat risicofactoren zijn voor een sportblessure. Per blessure, doelgroep of sport. Op die manier kunnen we de belangrijkste preventiemaatregelen identificeren.

1. Breng de letselmechanismes en risicofactoren in kaart

Denk bijvoorbeeld aan plotselinge impact, overbelasting en verkeerde trainingsopbouw. Dat kan per sportblessure. Of eerder globaal voor een specifieke doelgroep of sportactiviteit.

Dat doe je best met een combinatie van eigen gegevens en wetenschappelijk onderzoek, ook uit andere sporten als de mechanismen gelijkaardig zijn.
 

2. Vervolgens classificeer je risicofactoren

  • Intrinsiek (persoonlijk) vs. extrinsiek (omgeving)
  • Wijzigbaar vs. niet‑wijzigbaar
Bijvoorbeeld:
 
Intrinsieke risicofactoren Extrinsieke risicofactoren
Wijzigbaar
  • Fysieke fitheid: kracht, uithouding, evenwicht, wendbaarheid en proprioceptie
  • Herstel en leefstijl: slaap, rust, voeding en hydratatie
  • Mentale paraatheid: focus, stress, veerkracht, besluitvorming en zelfvertrouwen
  • Training en voorbereiding: opbouw, opwarming, belasting en herstelmomenten
  • Materiaal en bescherming: schoeisel, beschermingsmiddelen en aangepast materiaal
  • Sportcontext: positie, tactiek, niveau en externe druk
Niet-wijzigbaar
  • Persoonskenmerken: leeftijd, geslacht, lichaamslengte, groeifase en genetica
  • Lichamelijke aanleg: botstructuur, gewrichtslaksheid en hormonale factoren
  • Blessuregeschiedenis: eerdere blessures of bestaande kwetsbaarheden
  • Omgevingsfactoren: ondergrond, weer, licht en accommodatie
  • Wedstrijdcontext: tegenstander, spelregels en wedstrijdschema
  • Organisatorische context: teamomgeving, omkadering en coaching-stijl

Die indeling maakt duidelijk waar een sportorganisatie preventief kan ingrijpen, zoals bij hersel, trainingsopbouw, materiaal en sportcontext.

Tegelijk toont ze welke factoren moeilijker te beïnvloeden zijn, zoals lichamelijke aanleg, blessuregeschiedenis of weersomstandigheden. 

Maar ook niet‑wijzigbare factoren blijven belangrijk. Ze kunnen de basis vormen voor gerichte educatie en communicatie, zodat sporters zich meer bewust worden van mogelijke risicofactoren. De indeling van risicofactoren helpt dus om te bepalen hoe je blessurepreventiebeleid strategisch kunt aanpakken.

Bijvoorbeeld:
 

Categorie Beleidsrelevantie
Intrinsiek - wijzigbaar Versterken van de sporter via training, herstel, leefstijl en mentale ondersteuning.
Intrinsiek - niet-wijzigbaar Bewust omgaan met persoonlijke kenmerken en blessuregeschiedenis via screening, begeleiding en educatie.
Extrinsiek - wijzigbaar Aanpassen van de sportcontext via materiaal, opwarming, trainingsaanpak en duidelijke afspraken.
Extrinsiek - niet-wijzigbaar Risico's in de omgeving of wedstrijdcontext herkennen, opvolgen en zo goed mogelijk beperken.

3. Stel een scorematrix op

Je kan niet inzetten op alle preventiestrategieën tegelijk. En niet elke strategie is even dringend of gemakkelijk uit te voeren. Daarom bepalen we in deze stap welke vormen van blessurepreventie het meest zinvol en haalbaar zijn voor je eigen sporttak aan de hand van een scorematrix.

Per maatregel wordt een score toegekend op basis van twee criteria:

  • Relevantie: Komt het probleem vaak voor? Treft het veel sporters? Gaat het om ernstige blessures? (1 = beperkt relevant - 3 = zeer relevant)
  • Realiseerbaarheid: Heeft de organisatie voldoende tijd, kennis en middelen? Is er draagvlak bij de clubs en trainers? Kan de maatregel eenvoudig worden ingevoerd? (1 = moeilijk realiseerbaar - 3 = goed realiseerbaar)

Bijvoorbeeld: basketbal

Preventiestrategie Relevantie Realiseerbaarheid Totaal
Landings- en sprongtechniektrainingen 3 3 6
Educatie rond belasting, rust en herstel 3 2 5
Campagne om pijn en klachten sneller te melden 2 3 5
Controle van sportvloer en infrastructuur 2 2 4
Screening bij seizoenstart 2 1 3
Aankoop monitoringstechnologie 1 1 2

 
4. Bepaal prioriteiten

Op basis van de scorematrix bepaal je welk preventiemaatregelen prioriteit krijgen:

Een eenvoudige indeling kan zijn:

Score

Prioriteit

Betekenis voor het beleid

0 - 3

Lage prioriteit

Deze maatregel wordt voorlopig niet opgenomen in het blessurepreventiebeleid.

4 - 5

Matige prioriteit

Deze maatregel is interessant, maar vraagt nog verder onderzoek, overleg of voorbereiding.

6

Hoge prioriteit

Deze maatregel is zeer relevant én goed haalbaar, en kan meteen worden opgenomen in het blessurepreventiebeleid.

5. Maak een strategisch overzicht 

Zo maak je in een oogopslag duidelijk welke maatregelen meteen kunnen worden ingevoerd. Op die manier ga je van een brede lijst met mogelijke maatregelen tot gerichte blessurepreventiestrategieën die deel van je beleid worden.

Bijvoorbeeld:

Maatregel Totaalscore Strategische keuze
Landings- en sprongtechniek trainingen

6

Meteen implementeren

Educatie rond belasting, rust en herstel 5 Verder uitwerken
Campagne om pijn en klachten sneller te melden 5 Verder uitwerken
Controle sportvloer en infrastructuur 4 Verder onderzoeken
Screening bij seizoenstart 3 Geen prioriteit
Aankoop monitoringstechnologie 2 Geen prioriteit

1) De voorbereiding

1) De voorbereiding

2) De beginsituatie

2) De beginsituatie

3) De prioriteiten

3) De prioriteiten

4) De acties

4) De acties

5) Evalueren en bijsturen

5) Evalueren en bijsturen

6) Verankeren in het beleid

6) Verankeren in het beleid

Ook interessant